|
Op deze pagina
De Friese Stabij en behendigheid
Een Stabij is in huis redelijk rustig, mits hij voldoende gelegenheid krijgt om buitenshuis zijn energie kwijt te raken. Hondensport is een uitstekende manier om energie kwijt te raken. Bovendien bent u samen met uw hond bezig, en dat versterkt de baas-hond-relatie. Dit geldt zeker voor behendigheid. Door samen aan behendigheid te doen zult u merken dat uw hond zich meer en meer op u zal richten. U bent immers degene die aangeeft welke toestellen uw hond moet nemen. Er zijn maar weinig honden die geen plezier zullen beleven aan behendigheid. Bij deze sport wordt zowel een beroep gedaan op snelheid als op atletisch vermogen van de hond. Daarnaast wordt ook een beroep gedaan op uw conditie, en wordt er veel techniek van de handler gevraagd, het vermogen tot duidelijk communiceren - en niet alleen verbaal - met de hond. Dus ook voor de baasjes is het woord ‘sport’ op zijn plaats. De hond moet voordat hij aan behendigheid gaat doen volledig zijn uitgegroeid. Voor een stabij betekent dit, dat hij vanaf ongeveer een jaar met behendigheid kan beginnen. Bij behendigheid wordt er nogal wat van de hond gevraagd, denk aan bijvoorbeeld de hoogtesprongen, de schutting, snelle wendingen, etc. Let goed op de gezondheid van uw hond! Heeft uw hond bijvoorbeeld aanleg voor HD? Dan is behendigheid geen goede sport.
Wat is behendigheid
Bij behendigheid - ook wel agility genoemd - is het de bedoeling dat de hond zo snel en foutloos mogelijk een parcours aflegt met een aantal toestellen. De toestellen zijn verdeeld in (hoogte)sprongen, raakvlaktoestellen, doorgangen (zoals bijvoorbeeld de tunnel) en paaltjes. Een parcours bestaat uit maximaal 20 toestellen. Bij wedstrijden bepaalt de keurmeester hoe het parcours eruit ziet, dit is dus iedere keer anders. Ook worden in een parcours vaak ‘valstrikken’ ingebouwd, om hond en begeleider op het verkeerde been te zetten. De begeleider geeft zijn hond aanwijzingen, zowel verbaal als non-verbaal, maar mag de hond en de toestellen zelf niet aanraken. U zult bij behendigheid merken, dat wanneer de hond de fout in gaat, dit vrijwel altijd een gevolg is van de aanwijzingen van de begeleider.
In Nederland worden behendigheidswedstrijden georganiseerd onder auspiciën van Cynophilia en de Federatie Hondensport Nederland.
De wedstrijden bestaan meestal uit verschillende onderdelen:
- Vast parcours: alle toestellen kunnen deel uitmaken van het parcours, en het parcours bevat minimaal twee en maximaal vier raakvlaktoestellen
- Jumping: parcours bevat geen raakvlaktoestellen
- Spelparcours: deelnemers kunnen een extra parcours afleggen, maar deze telt niet mee, geen ‘wedstrijddruk’ dus, gewoon omdat het leuk is om een extra parcours te lopen.
Wedstrijden worden gelopen op verschillende niveau’s:
- A
- B1
- B2 (alleen bij Large)
- C
- Veteranen
Behendigheid is zowel geschikt voor grote als kleinere honden. De honden worden ingedeeld naar schofthoogte:
- Small (< 34,99 cm)
- Medium (> 35 en < 42,99 cm)
- Large (> 43 cm)
Spreekt voor zich dat bijvoorbeeld de hoogtesprongen voor grote honden anders zijn afgesteld dan voor kleinere honden.
De Stabij is ingedeeld bij de Large. Hoewel de meeste rassen geschikt zijn voor behendigheid, zie je op hoger niveau vooral bij de Large bepaalde rassen vaker terug dan andere. De Border Collie en de Belgische Herder zijn bijvoorbeeld erg populair. Voor het NK 2003 had zich bij de Large slechts één Stabij gekwalificeerd. Bij de Medium honden zie je bijvoorbeeld veel Sheltie’s in de top. Dit in tegenstelling tot de Small, waar je veel meer verschillende rassen tegenkomt. Ter vergelijking: in de top 5 bij de Small op het NK stonden twee Shetland Sheepdogs, een Epagneul Nain Papillon, een Border Terrier en een Jack Russel. Abe Floris fan de Muddehounen (de opa van Auke) doet op hoog niveau aan behendigheid. Op het NK in 2003 werd hij 69ste. Inmiddels mag Floris bij de veteranen lopen, maar omdat hij nog zo vitaal is, loopt hij nog mee in de ‘gewone’ klasse.
Behendigheidstraining
Een groot aantal hondenclubs geeft behendigheidstraining. Informeer eens bij een club in de buurt. Een overzicht van hondenclubs staat bijvoorbeeld op:
Daarnaast zijn er ook enkele verenigingen waar alleen maar aan behendigheid gedaan wordt, maar daar is het vaak moeilijk om een plek te krijgen.
Maar hoe kiest u nu een club? Het makkelijkste is het natuurlijk om bij uw eigen hondenclub te trainen. Let daarbij wel op bijvoorbeeld:
- Accomodatie: waar traint de club, hoe ziet het veld eruit, zijn de toestellen in orde?
- Niveau’s: op welk niveau kunt u bij uw club trainen? Beginners, gevorderden, recreanten, wedstrijdlopers....
- Trainers: door wie wordt de behendigheidstraining gegeven? Als u wedstrijden wilt gaan lopen is het belangrijk dat ook uw trainers wedstrijdervaring hebben.
Voorwaarde om deel te nemen aan behendigheidstraining is dat uw hond al een paar gehoorzaamheidscursussen heeft gedaan en sociaal is naar andere honden.Meestal zijn de honden aangelijnd, maar zodra u gaat oefenen gaat de hond van de lijn. Hij moet dus ook goed naar zijn baas luisteren. Ja, dat geldt ook voor een Fries....
De moeite van het lezen waard
- Hondensport: Behendigheid - uit de serie Over Dieren, ISBN 90-5821-047-2
- Behendigheid en andere hondensporten - Liesel Baumgart, ISBN 90-6113-830-2
- Op internet is een schat aan informatie te vinden. Surf bijvoorbeeld eens naar de eerdergenoemde sites, of naar de site van "Vriendenkring Behendigheid BAND".
Uit het Frysk dagboek
Auke volgt sinds september 2003 behendigheidstraining. En hij vindt het geweldig! Er is toch niets leukers dan rennen en springen, samen met het baasje. Volg de ‘vorderingen’ en streken van Auke bij de behendigheid in het Frysk dagboek. (Alle links openen in een nieuw venster.)
Auke’s wedstrijdresultaten vind je via deze link.
Stabij Kwibus over behendigheid
Da's leuk joh. Lekker springen, door tunnels en slurven sprinten en gevaarlijke hindernissen nemen. Ik doe dat nu bijna jaar en vind dat erg leuk. Als een doldrieste ren ik door zo'n parcours. Mijn baasje kan me dan helemaal niet bijhouden. Wat een watje hè? Nu is-ie aan het leren om me op afstand de weg te wijzen. Maar dat lukt nog niet best, want ik fok hem altijd op door veel te blaffen en erbarmelijk te janken als ik niet meer weet waar ik naar toe moet. Nanananaaa!
Binnenkort krijg ik mijn behendigheidspaspoort en ga ik meedoen aan wedstrijden. Ik ben snel genoeg, maar ik moet wel nog goed opletten dat ik de raakvlakken op de hindernissen ook aanraak. In mijn enthousiasme spring ik daar gewooon overheen. Dan ben ik sneller, maar da's eigenlijk niet de bedoeling, heeft mijn baas verteld. Maar ja, als ik eenmaal de sprint erin zet dan denk ik nergens meer aan......
Meer weten over Kwibus? Kijk bij Digitale vriendjes.
|
Met dank aan Harrie Bovens, één van de behendigheidstrainers van de KC Culemborg, die deze pagina op correctheid heeft gecontroleerd.
|
|
|